Raamovereenkomsten in het Aanbestedingsrecht

Nieuwe richtlijnen van het Europees Hof
Raamoverkomsten zijn bij aanbestedingen vaak een voorbereidende stap voor het plaatsen van meerdere, vergelijkbare opdrachten die in voorbereiding zijn. De raamovereenkomst zelf is geen opdracht in de zin der wet.

Door eerst een raamovereenkomst te sluiten (waarin voorwaarden zoals hoeveelheid, kwaliteit en prijs al zijn bepaald) kan vervolgens, wanneer er zich een concrete opdracht voordoet, snel het gunnings- en offertetraject worden doorlopen. Dat beantwoordt in de praktijk aan de behoefte van aanbestedende diensten om een opdracht op korte termijn te gunnen.

Onbevredigende praktijk
Veel aanbestedende diensten geven in hun uitnodiging tot inschrijving aan dat de raming in de raamovereenkomst een ‘inschatting’ of een ‘indicatie’ is. Raamovereenkomsten zijn immer bedoeld voor situaties waarin vooraf niet precies valt in te schatten hoe groot de behoefte van de aanbestedende dienst zal zijn.

Als later de behoefte groter blijkt dan gedacht wordt de oorspronkelijke raamovereenkomst en zelfs het aantal opdrachten aanzienlijk uitgebreid. De waarde van de raamovereenkomst kan daardoor substantieel toenemen.

Voor inschrijvers is deze situatie bepaald onbevredigend. De plooibaarheid van een raamovereenkomst leidt tot onduidelijkheid. Zowel in de aanbestedingsfase (er wordt geen realistische inschatting gemaakt van de hoeveelheid en de omvang van de opdracht) als in de uitvoeringsfase (de hoeveelheid opdrachten kan ineens aanzienlijk groter blijken dan aanvankelijk gepresenteerd).

Nieuwe richtlijnen
In een recente uitspraak van het Europees Hof van Justitie voor de Europese Unie is bepaald dat deze praktijk strijdig is met het aanbestedingsrecht, en het Hof geeft voorts heldere richtlijnen voor het plaatsen van raamovereenkomsten.

De belangrijkste punten uit de uitspraak:

  • De maximale waarde van de leveringen en/of diensten moet vooraf worden vermeld (alinea 60 van de uitspraak);
  • Zodra de maximale hoeveelheid leveringen of diensten is bereikt, heeft de overeenkomst geen effect meer, en moet er opnieuw worden aanbesteed (alinea 61 van de uitspraak);
  • De maximale hoeveelheid geldt niet alleen voor de oorspronkelijk aanbestedende dienst, maar tevens voor een eventuele aanbestedende dienst die zich later bij de oorspronkelijke aanbesteder heeft aangesloten (alinea 70 van de uitspraak).


Wat betekent dit voor aanbestedingen?
Aanbestedende diensten moeten dus vanaf nu de waarde van hun raamovereenkomsten veel zorgvuldiger inschatten. Een te lage inschatting zou kunnen zorgen dat er snel een nieuwe raamovereenkomst moet worden aanbesteed, terwijl een te hoge inschatting betekent dat er zwaardere aanbestedingsprocedures van toepassing zijn, en inschrijvers geen realistische inschatting van de vraag meer kunnen maken.

Heeft u vragen naar aanleiding van deze nieuwe richtlijnen? Neem dan gerust contact op met Helpdesk Aanbesteden: 06 50 25 14 37